De geschiedenis van pasta

Verse pasta is deeg, gemaakt van meel en water. Het is bekend in de meeste culteren en op alle continenten. Droge pasta kent zijn oorsprong in Italië en veroverde vanuit daar de hele wereld.

Het wordt beweerd dat Marco Polo overal spaghetti heeft geintroduceerd; van Italë tot China, maar dat is waarschijnlijk onjuist. De mensen uit het Middelandsezeegebied wisten al voor de komst van de Romeinen hoe ze verse pasta moesten maken. In die tijd was deze kennis nog niet bekend bij de Chinezen.

Droge pasta was al in de 13e en 14e eeuw in het Middelandsezeegebied bekend; dit feit wordt al genoemd in documenten uit Genua. De bewijzen dat droge pasta toen al bekend was komen uit Sicillië. Documenten uit de buut van Palermo uit de 12e eeuw vermelden iets over een fabriek voor droge pasta. Vanuit deze plaats werd pasta (genaam "itrjia") naar andere streken van zuidelijk Italië geëxporteerd.

Zeelieden uit Genua waren een van de meeste fanatieke handelaren uit het Middelandsezeegebied. Het is daarom niet verrassend dat in de 13e eeuw de stad Genua een handelscentrum en later ook producent van droge pasta werd.

De oudste Macaroni recepten komen uit Sicilë, bijvoorbeeld:

  • macaroni met aubergine (aubergine werd geïntroduceerd door de Arabieren rond het jaar 1000 vanuit India)
  • macaroni met sardientjes

Vandaag de dag kan men beide recepten nog steeds in de overheelijke Siciliaanse keuken vinden.

Andere handelscentra onstonden in zuidelijk Italië, waar de de huidige spaghetti en vermicelli onstond. Door het draadvormige uiterlijk werden deze pasta tria genoemd. Van daaruit werdt gedroogde pasta bekend in o.a. de Franse Provence en Engeland. De korte, buisvormige pasta noemde men macaroni, waarschijnlijk vanuit het Latijnse woord maccare, wat zoveel betekend als stampen / pureren / mengen.

In die tijd was verse, gevulde pasta, aangekleed met kazen, kruiden of zoetigheid voedsel voor de rijken. Gedroogde pasta werd beschouwd als voedsel voor de gewone man. Ondanks dat bijvoorbeeld macaroni erg bekend was, was het geen populair gerecht in de dagelijkse keuken buiten de plaatsen waar het geproduceerd werd.

Het keerpunt onstond in Napels rond 1600. De import van vlees en andere vers producten werd moeilijker en prijziger door een economische crisis. Omdat meel veel voorradig bleef en relatief goedkoop was (mede door de uitvinding van mechanische productie) werd droge pasta al snel een belangrijke voedselbron. De pasta werd zels zo populair dat de bevolking van Napels ook wel mangiamaccheroni (macaroni eters) werden genoemd.

Meel van durum tarwe werd in grote hoeveelheden in zuidelijk Italië geproduceerd. Omdat pasta een goede voedselbron was voor de arme mensen, hadden de mensen daar veel minder last van allerlei aandoeningen. Dit in tegenstelling tot het noorden waar men het vooral met mais moest doen.

In 1785, telde Napels zo'n 280 pasta winkels. Zo rond 1800 werd pasta ook op straat verkocht waar het gekookt werd op een houtskool vuurtje. Mensen aten het ter plekke met de blote hand. Er zat vaak geen saus of andere aankleding bij: bij uitzondering een beetje schapenkaas. Pas begin 1800 werd de eerste tomatensaus geïntroduceerd.

Zuidelijk Italë kende honderden ambachtelijk pastamakers. Maar in 1824 in het noorden van Italë, in de buurt van Genua, werdt de eerste industriële productie van pasta gestart. Dit gebeurde door de familie Agnese. Een paar jaar later volgde de familie Buitoni.

Italië bestond tot dusver uit allemaal kleine staatjes en koningkrijkjes die de verspreiding van pasta belemmerde. Maar na de eenwording van Italië rond 1862, verspreidde pasta zich over het hele land. Italiaanse emigranten namen de pasta mee naar Amerika. Voordat men het wist, werd de typische Italiaanse pasta over de hele wereld gegeten.

Tot zover de geschiedenis van pasta!


© Pastamaken.nl - Disclaimer